Bloedvleugel of roodvleugelparkiet

Latijnse naam: aprosmictus erythropterus.

Aprosmictus: niet mengend met anderen, geisoleerd.
Erythropterus: rode vleugel

Lengte: 32 cm

Ringmaat: 6 mm

Herkomst: Noordoost Australië

Kenmerken:
Man: de hoofdkleur is lichtgroen. De kop en de nek zijn lichtgroen. De mantelveren zijn zwart. De bovenrug is zwart en de onderrug diepblauw van kleur. De vleugeldekveren zijn rood, de rest van de vleugels is groen. De ondervleugeldekveren en de vleugelboog bezitten een meer bleekgroene kleur. De bovenzijde van de staart is groen met gele randen. Aan de onderzijde is de staart donkergrijs met geelwitte randen. De snavel is rood en de poten zijn grijs.

Pop: de hoofdkleur is geelachtig groen. Het zwart op de rug ontbreekt. In tegenstelling tot de man heeft zij slechts een weinig rood in de vleugels. De bovenrug is overwegend donkergroen, de onderrug is bleekblauw.

Jongen: de jongen lijken op de pop maar hebben een donkere oogring, de volwassen vogels hebben een oranje oogring. Ze hebben bijna een gele snavel. Uiterlijk is het onderscheid bij jonge vogels tussen man en pop bijna niet te zien, daarom laat ik altijd via DNA het geslacht bepalen

Eigen ervaring: Mijn bloedvleugels heb ik al vele jaren in mijn bezit. Mijn pop is van 1989 en mijn man is van 1990. Dit is een heel moeilijke vogel om mee te kweken. Elk jaar hebben ze eieren maar ze waren niet altijd bevrucht. In totaal heb ik er slechts 8 jongen van gehad. Nu zijn ze te oud geworden om nog jongen voort te brengen en ben ik aan het uitkijken naar jonge vogels. Ze mogen echter hun oude dag doorbrengen in mijn volière.